Stroke Unit - Eenheid voor beroertezorg

Het team van de stroke unit heet u van harte welkom. Ongetwijfeld zit u met vele vragen. Wij doen ons best om u zo goed mogelijk te verzorgen en de vele twijfels op te vangen. Het is vast een geruststelling dat een continu bewakingssysteem en de permanente aanwezigheid van een verpleegkundige ons toelaten om o.a. uw hartritme, bloeddruk en ademhaling nauwgezet te observeren. Ook de neurologische toestand zal continu opgevolgd worden. Indien u na het lezen van deze brochure nog vragen heeft of bijkomende informatie wenst, kan u steeds terecht bij de arts of de verpleegkundigen. Wij wensen u verder een zo aangenaam mogelijk verblijf op onze afdeling, en een spoedig herstel!
De symptomen van een beroerte herkennen is levens redden!
Kijk of de mond scheef staat.
Kijk of een arm (of been) minder goed beweegt.
Luister of de persoon onduidelijk spreekt.
Stel vast hoe laat de verschijnselen begonnen zijn. Bij behandeling binnen de 3 uur is de kans op herstel groter.

Algemene informatie over de Stroke Unit

Het team van de stroke unit

Dr. Hilde De Backer
Dr. Mieke De Weweire
Hoofdverpleegkundige: Piet Delobelle

Bezoekuren

Bezoekers zijn welkom tijdens de volgende bezoekuren:
  • 11u - 11u30
  • - 16u - 16u30
  • - 20u - 20u30
Het bezoek is toegelaten voor naaste familieleden met een maximum van 2 personen per patiënt. Kinderen jonger dan 12 jaar kunnen op bezoek komen na afspraak met de (hoofd)verpleegkundige.

Contactgegevens

U kan de stroke unit overdag contacteren op het rechtstreeks telefoonnummer 051 23 61 24. Voor de rust van onze patiënten vragen wij u om de telefoongesprekken tijdens de nachturen te beperken. Telefoongesprekken verlopen bij voorkeur via één contactpersoon van de familie. Verkregen informatie kan zo doorgegeven worden aan de rest van de familie. Omwille van beroepsgeheim wordt telefonisch geen medische informatie verstrekt.

Varia

Onderzoeken

Tijdens uw opname krijgt u een echografisch onderzoek van het hart. Met dit onderzoek gaat men na of er geen klontervorming in het hart is. Er wordt ook een holtermonitoring verricht om hartritmestoornissen op te sporen. Verder krijgt u nog een echo van de halsvaten. Een controle van de hersenen zal gebeuren na 24 tot 48 uur, evenals een EEG afname.

Informatie omtrent het ziektebeeld

Wat is een beroerte?

Een beroerte, ook wel "attaque", "CVA" of trombose genoemd, ontstaat als een bloedvat in de hersenen door een klonter verstopt raakt of als een bloedvat in de hersenen openscheurt. Hierdoor krijgen bepaalde delen van de hersenen onvoldoende bloed en zuurstof. De zones met bloedtekort kunnen hierdoor niet functioneren. Daardoor ontstaan symptomen zoals verlamming, spraak –of begripsstoornissen, gevoelsstoornissen en of problemen met het zicht.
Drie types beroerte worden onderscheiden. Het meest frequent is de ischemische beroerte waarbij een bloedvat afgesloten wordt.
Hersenbloedingen ontstaan als een bloedvat openscheurt. Als dit in de hersenen gebeurt, spreekt men van een ‘parenchymateuze hersenbloeding’ (parenchym is het wetenschappelijke woord voor weefsel). Als de bloeding rond de hersenen gebeurt, spreekt men over een ‘subarachnoïdale bloeding’. Bij deze laatste vorm vindt men vaak een abnormale uitstulping van een bloedvat die aneurysma genoemd wordt.

Wat is de oorzaak?

Een ischemische beroerte kan verschillende oorzaken hebben. Klonters kunnen ontstaan in het hart bij mensen met beschadigde hartkleppen of met hartritmestoornissen. Klonters kunnen ook afbrokkelen vanuit een vernauwing van de halsslagaders, met de bloedstroom meegevoerd worden en verderop een bloedvat verstoppen. Bloedvaten in de hersenen kunnen beschadigd worden door hoge bloeddruk of aderverkalking. Hoge bloeddruk maakt de hersenbloedvaten broos. Als zo een bloedvat openbreekt ontstaat een parenchymateuze bloeding.

Wat is een T.I.A.?

Een TIA, ook wel een miniberoerte genoemd, ontstaat als de bloedstroom naar een bepaald deel van de hersenen kortdurend onderbroken wordt. Dit leidt tot functieverlies van het deel van de hersenen of het oog dat onvoldoende bloed kreeg. Per definitie duurt een TIA minder dan 24 uur. Typische TIA’s zijn een kortdurende blindheid van een oog, kortdurende spraak –of begripsstoornissen of verlamming van een zijde van het lichaam. TIA’s zijn een medische urgentie omdat ze vaak de voorbode zijn van een beroerte. Inname van aspirine na een TIA vermindert de kans op een nieuwe beroerte.

Welke zijn de alarmsymptomen van een CVA of TIA?

  • Plotse verlamming van arm, been of gelaat.
  • Plotse gevoelsstoornissen in arm, been of gelaat.
  • Plotse verwardheid, moeite om te spreken of om mensen te begrijpen.
  • Plotse moeilijkheden om te zien uit één of beide ogen.
  • Plotse moeilijkheden om te gaan, duizeligheid of evenwichtsmoeilijkheden.
  • Plotse hevige hoofdpijn.

Welke zijn risicofactoren voor CVA?

Risicofactoren zijn kenmerken, gewoontes, elementen van levensstijl die de kans op een aandoening verhogen. Dezelfde factoren die het risico voor coronair hartlijden (oorzaak van acuut myocardinfarct of hartaanval) verhogen, zullen ook direct of indirect de kans op een beroerte verhogen. Een aantal risicofactoren verhogen enkel de kans op een beroerte. Hoe meer risicofactoren men heeft, hoe meer kans er is op het krijgen van een beroerte. Er zijn een aantal risicofactoren die men niet kan controleren of veranderen (o.a. leeftijd, geslacht, ras, familiale voorgeschiedenis, …) doch er zijn ook risicofactoren die men kan trachten te controleren, voorkomen of behandelen (bv. roken, hoge bloeddruk, te weinig beweging…).

Niet wijzigbare risicofactoren

  • Leeftijd: hoe ouder men is, hoe hoger de kans op een beroerte. Oudere mensen hebben vaker hoge bloeddruk, diabetes en hartaandoeningen. Hartritmestoornissen zijn ook meer frequent. Jonge mensen kunnen echter ook een beroerte krijgen. Vaak wordt de beroerte bij jonge mensen door andere oorzaken veroorzaakt dan bij oudere mensen.
  • Geslacht: mannen hebben over het algemeen een hoger risico op een beroerte. Vrouwen ontwikkelen vaak later dan mannen een beroerte.
  • Familiale voorgeschiedenis: genetische factoren spelen zeker een rol in het ontstaan van beroertes. Vaak erven mensen echter ook een bepaalde levenstijl (bv. eetgewoontes) van hun ouders.

Wijzigbare risicofactoren

  • Hypertensie: hoge bloeddruk wordt gedefinieerd als een bloeddruk die hoger is dan 140/90 mmHg. Hoge bloeddruk verhoogt uw kans op een beroerte van 4 tot 6 maal. Hoge bloeddruk veroorzaakt schade aan de bloedvaten en kan zowel een bloeding als een klontervorming veroorzaken. Meer dan de helft van de mensen die een beroerte krijgen, kampen met hoge bloeddruk. Hoge bloeddruk veroorzaakt meestal geen klachten en veel mensen weten niet dat ze hoge bloeddruk hebben. 1 op 3 volwassenen heeft hoge bloeddruk.
  • Hartziekten: mensen met een kunstmatige hartklep of mensen die een hartinfarct gehad hebben, vertonen een verhoogd risico op een beroerte. Behandeling met bloedverdunners of aspirine en cholesterolverlagende middelen kunnen het risico op een beroerte bij deze patiënten verminderen.
  • Onregelmatige pols: mensen met een onregelmatig hartritme veroorzaakt door voorkamerfibrillatie, hebben een zeer hoog risico op een beroerte. Voorkamerfibrillatie is een onregelmatige samentrekking van een deel van het hart waardoor gemakkelijk stolsels gevormd worden. Deze stolsels kunnen afbrokkelen en met de bloedstroom naar de hersenen gevoerd worden waardoor ze een beroerte veroorzaken. De ziekte komt bij 1 op 50 mensen voor, en kan op heel eenvoudige wijze vastgesteld worden. Het goede nieuws is dat meer dan de helft van de beroertes door voorkamerfibrillaties met gebruik van bloedverdunners vermeden kunnen worden.
  • Suikerziekte: diabetes verdrievoudigt de kans op een beroerte. Verhoogde aanwezigheid van suiker in het bloed beschadigt de bloedvaten en veroorzaakt aderverkalking.
  • Cholesterol: hoge cholesterol is schadelijk voor de bloedvaten en veroorzaakt aderverkalking. Verhoogde cholesterol is soms, maar niet altjd een uiting van een ongezond dieet of van overgewicht.
Vernauwing van een halsslagader: de halsslagader ontwikkelt vaak een vernauwing door aderverkalking. Hierdoor kan het bloed moeilijker naar de hersenen vloeien en ontstaan er klonters die beroertes veroorzaken. Mensen met ernstige vernauwingen van de halsslagaders kunnen hun risico op een beroerte verminderen door de aderverkalking operatief te laten verwijderen.

Leefgewoontes die de kans op een beroerte verhogen

  • Roken: roken verdubbelt uw risico op een beroerte. Roken beschadigt de bloedvaten en veroorzaakt klontervorming in de hersenen. Stoppen met roken vermindert uw risico op een beroerte al na 2 jaar. Na 5 jaar zijn de schadelijke gevolgen van roken op de bloedvaten volledig verdwenen. Vraag uw arts informatie in verband met rookstopbegeleiding.
  • Onvoldoende lichaamsbeweging: mensen die meer dan 30 minuten per dag lichaamsbeweging doen, verminderen hun risico op een beroerte.
  • De pil: de pil verhoogt in zeer beperkte mate de kans op een beroerte. De combinatie met roken en/of migraine versterkt het risico.
  • Alcohol: als alcohol in grote hoeveelheden gebruikt wordt (meer dan 2 glazen bier of wijn per dag) verhoogt het risico van een beroerte aanzienlijk. Inname van 1 of 2 glazen alcohol per dag zou de kans op een beroerte daarentegen verminderen.

Medicatie die gebruikt wordt om beroertes te voorkomen

  • Aspirine of aanverwante producten: een bloedklonter bestaat uit een kluwen van fibrine (een soort lijm) en samenklevende bloedplaatjes. Klontervorming kan tegengegaan worden door het samenkleven van bloedplaatjes te verminderen. Aspirine of aanverwante producten kunnen de kans op een beroerte verminderen, vooral bij patiënten die een beroerte of TIA gehad hebben. Deze producten moeten levenslang ingenomen worden.
  • Bloedverdunners: deze bloedverdunners worden vooral gebruikt voor patiënten met voorkamerfibrillatie. Ze verminderen in belangrijke mate de kans op een beroerte. Bloedverdunners zijn slechts veilig als ze correct gebruikt worden. De mate van bloedverdunning varieert nogal: soms is het bloed onvoldoende verdund en soms is het bloed te fel verdund waardoor bloedingen kunnen ontstaan. Om deze problemen te vermijden, moet de mate van bloedverdunning, zeker bij het begin van de behandeling, vaak gecontroleerd worden. De huisarts moet hiervoor een bloedstaal nemen. Bij ongevallen, grote blauwe plekken, donkerrode urine, zwarte ontlasting of andere bloedingen moet u contact opnemen met de huisarts. Neem geen Aspirine of andere pijnstillers die “aspirine” bevatten. Een pijnstiller die wel met mate mag genomen worden is parecetamol (bv. Panadol, Dafalgan, Perdolan).

Brochure

Brochure Stroke Unit

Contact

Dr. Hilde De Backer
Dr. Mieke De Weweire
Artsen Neurologie
T 051 23 62 17
Piet Delobelle
T 051 23 61 24